
De geschiedenis van Sicilië
“…..Op de zesde dag voltooide God zijn werken, blij met alle schoonheid die hij had geschapen,
nam hij de Aarde in zijn handen en kuste het.
Daar, waar zijn mond de aarde raakte, dat is Sicilië”. (Renzino Barbera)
Sicilië is het grootste eiland in de Middellandse zee. Het landschap kenmerkt zich door vulkanisch gebergte, met de Etna als hoogste top van 3370 M, en vlakke landstreken. Dit geeft de diversiteit aan van de landbouw en veeteelt, en de vruchtbaarheid door de vulkanische grond.
Waarschijnlijk was het eiland in de oudheid bedekt met eiken- en beukenbossen. De olijfbomen en druivenstruiken werden al in vroegere tijden vanuit het nabije Oosten geïntroduceerd, samen met de amandelboom, pistache, granaatappel en hazelnoot (geïmporteerd uit Campania). Andere vanuit het Oosten geïmporteerde soorten zijn carob, moerbei, palm, citroen en de bittere sinaasappel. De zoete sinaasappel werd pas in de 16e eeuw door de Portugezen uit China meegebracht en de tangerine kwam ongeveer 2 eeuwen geleden uit Madura.
De eerste inwoners van Sicilië waren diverse stammen, de Sicans, Elymi, Ausonians en de Sicels. Pas met de binnenkomst van de Grieken in de 8e eeuw voor Christus, kwam Sicilië in het geschiedenis tijdperk. Alle eerste kustplaatsen zijn door de Grieken opgericht zoals Naxos, Syracuse, Lentini, Catania en Messina. De inwoners daarvan stichtten later de andere plaatsen.
De oude steden werden geregeerd door de Oligarchies en later de Tyrannies (tiran?)
Na diverse oorlogen namen de Romeinen de macht over en het eiland werd een Italiaanse provincie.In deze tijd al werd de landbouw sterk ontwikkeld.
In 827 werd het eiland bezet door de Saracenen die met ijzeren hand regeerden. In de 11e eeuw werd het eiland weer veroverd door de Romeinen en in 1130 werd het Koninkrijk Sicilië gesticht. Het koninkrijk breidde uit van Montecassino tot Albanië en de Noord-Afrikaanse kust van Tunesië en Libië. Wetenschap, literatuur en kunst werden uit de hele wereld aan het hof verzameld.
Later kwamen er Franse en Spaanse overheersingen en invloeden. Na allerlei verschillende koningshuizen werd Sicilië in 1861 bij Italië geannexeerd. In 1946 werd Sicilië regionale autonomie verleend wat in 1947 resulteerde in het eerste Siciliaanse regionale parlement.
De imposante resten van tempels, theaters en aquaducten, het grote aantal beeldhouwwerken, oude gebouwen, decoraties, aardewerk en kostbaarheden in de Siciliaanse musea, zijn getuigen van alle verschillende culturen.
Het mag duidelijk zijn dat door alle invloeden en het rijke leven, ook de landbouw en de eetcultuur sterk werden ontwikkeld.
Gezien vanuit de lucht, de zee of op het land zelf, altijd zijn er de heuvels met groene olijfbomen, de overdadige citrusboomgaarden en de keurige wijngaarden die tot aan het strand reiken. Groenten en fruit, oude en nieuwe boerderijen en schuren, uitbundige kleuren geuren en smaken maken het eiland een plek waar de hele wereld verliefd op wordt.
De Siciliaanse keuken is een rijke, gevarieerde keuken waar tijd geen rol speelt, Aan het bereiden van gerechten wordt uitgebreid aandacht besteed en zowel bij lunch als diner wordt er in alle rust getafeld. Niet voor niets staat Sicilië bij de Slow Food organisatie hoog op de lijst.
Het smakelijke traditionele Siciliaanse eten is synoniem aan het hedendaagse concept van gezonde voeding. De wortels liggen in de hard werkende maar ook van het leven genietende levensstijl, het uitzonderlijke klimaat, de verschillende landschappen en een sterke boeren traditie.




